Duizenden huurders in de sociale sector bezitten een koopwoning, soms zelfs meerdere. Dit aanpakken blijkt moeilijk. Woningcorporaties willen meer mogelijkheden om het vermogen en inkomen van huurders te kunnen toetsen.
Het Centraal Planbureau kwam deze week met opvallende cijfers over sociale huurders: van hen blijken er 12.000 ook eigenaar te zijn van een koopwoning. Bij 2.000 van hen is dat niet verwijtbaar, omdat de ex-partner nog in de koopwoning woont of omdat ze een woning erfden. Maar er zijn ook 33 huurders in de sociale sector, die tien woningen of meer bezitten.
Het nieuws levert veel verontwaardiging op, onder meer in politiek Den Haag en bij woningcorporaties. Ook al gaat het maar om een half procent van de huurders in de sociale sector, bij een krappe woningmarkt telt dit toch, zegt bestuursvoorzitter Erik Gerritsen van woningcorporatie Ymere in het FD. Tienduizend huurders die onterecht sociaal huren, betekent ook tienduizend kansen voor gescheiden moeders die nu onderdak zoeken op logeeradressen, zegt Gerritsen.
Koopwoning bezitten als sociale huurder is legaal
Het bezitten van een koopwoning terwijl je zelf in een sociale huurwoning woont is in Nederland legaal, zegt advocaat Mendy Dibbets van Straatman Koster in het 8 Uur Journaal. “Het staat niet in huurcontracten dat het niet mag. Als je zelf in de huurwoning woont en netjes betaalt, schiet je als huurder niet tekort.”
Huurders mogen een huis bezitten of huur innen uit vastgoed. Bij een corporatie moeten ze vaak wel inkomen opgeven, maar als ze onder de inkomensgrens blijven is er niets aan de hand.
Rechtszaak tegen Amsterdamse huurder
Maar niet alles is legaal: als een huurder niet zelf in de sociale huurwoning woont, de huurwoning onderverhuurt en/of zelf in de koopwoning gaat wonen, is er sprake van woonfraude. Dan blijkt het alsnog lastig om de huurder aan te pakken.
Ymere won vorig jaar een zaak waarbij een man al tien jaar voor minder dan €500 een sociale huurwoning in Amsterdam-Oost huurde, en intussen meerdere woningen aankocht. Zelf woonde hij in een van die koopwoningen. In de sociale huurwoning zaten telkens andere arbeidsmigranten, waardoor buren misbruik gingen vermoeden en dit meldden bij de gemeente. Ymere deed bij de rechter een beroep op het ‘dringend eigen gebruik’ van de woning en kreeg gelijk: de huurder moest de woning binnen een half jaar verlaten.
Vermogenstoets nodig
Deze rechtszaak kan richting geven aan toekomstige procedures, maar blijft beperkt tot individuele gevallen. Om het bezit van koopwoningen onder sociale huurders structureel aan te pakken, is een vermogenstoets noodzakelijk, zegt voorzitter Liesbeth Spies van corporatiekoepel Aedes in een interview met Het Parool.
Corporaties mogen momenteel wel toetsen op inkomen, maar niet op vermogen. Bij de start van de verhuur vragen veel corporaties daarom wel of woningzoekenden vermogen of andere bezittingen hebben, maar huurders zijn niet verplicht die informatie te verstrekken. Hierdoor blijft het voor corporaties onduidelijk of huurders bijvoorbeeld een koopwoning bezitten.
Ook tussentijds vermogen controleren
Volgens Spies is een vermogenstoets niet alleen bij aanvang van de huur nodig, maar ook tussentijds. Sommige huurders kwamen ooit terecht in een sociale huurwoning toen zij daar recht op hadden, maar zijn inmiddels meer gaan verdienen of hebben vermogen opgebouwd waarmee zij een woning hebben gekocht. Omdat corporaties hier geen inzicht in hebben, blijven zij ook huurwoningen bezetten.
Spies ziet in de problematiek een taak voor het nieuwe kabinet. “Ik zou heel graag deze tienduizend woningen willen vrijspelen voor mensen die op de wachtlijst staan en echt dringend behoefte hebben aan een sociale huurwoning, maar dan moeten we wel de knoppen hebben om aan te kunnen draaien.”
Bron: Huurder in sociale sector met koophuis blijkt moeilijk aan te pakken | Vastgoedactueel
Bekijk het gehele artikel
